De TheaterEncyclopedie is vernieuwd!

Uit TheaterEncyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Biografie

Arthur Schnitzler (1862- 1931) was een Oostenrijks huisarts en schrijver. Schnitzlers vader was een bekende arts en had daarom Arthur voorbestemd tot een medische loopbaan, die Arthur gedurende tien jaar zou volgen. Schnitzler werkte onder meer als assistent in de kliniek van Freud's leermeester, Theodor Meynert, en werd een expert in klinische hypnose-technieken. Toen Arthur zich steeds meer tot de literatuur geroepen voelde, verzette zijn vader zich tegen de plannen van zijn zoon.

Zijn bekendste toneelwerk is Reigen (in het Nederlands vertaald als Reidans over het decadente Weense leven rond 1900. Destijds was het stuk zo controversieel dat het lange tijd niet mocht worden opgevoerd.

Ook als prozaschrijver is Schnitzler belangrijk. Zijn novelle Leutnant Gustl (1900) is het eerste verhaal in het Duits dat helemaal als innerlijke monoloog is geschreven. Het is een satire op de huichelachtige erecode in het toenmalige Oostenrijkse leger.

Opvattingen van Schnitzler

Hoewel Schnitzler de moralistische traditie aanviel omdat deze er niet in slaagde het instinctieve te begrijpen, wees hij toch ook op de onvermijdelijke wreedheid die de instinctieve bevrediging voor het zelf en de anderen inhield.

Theater/Dans

Een alfabetisch overzicht van de voorstellingen die in première zijn gebracht, c.q. die in Nederland te zien zijn geweest en waarbij hij geregistreerd werd in de Productiedatabase als auteur

Bibliografie

Verhalen, novelles & romans

  • Sterben (novelle, 1892)
  • Die Frau des Weisen (novelle, 1897)
  • Die Toten schweigen (novelle, 1897)
  • Frau Berta Garlan (roman, 1900)
  • Leutnant Gustl (novelle, 1900)
  • Der blinde Geronimo und sein Bruder (novelle, 1900)
  • Der Weg ins Freie (roman, 1908)
  • Casanovas Heimfahrt (novelle, 1917)
  • Fräulein Else (verhaal, 1924)
  • Traumnovelle (novelle, 1926)
  • Spiel im Morgengrauen (verhaal, 1926/27)
  • Therese. Chronik eines Frauenlebens (roman, 1928)
  • Flucht in die Finsternis (verhaal, 1931)

Theaterstukken

  • Das Märchen (toneelstuk, 1891)
  • Anatol (eenakter, 1893)
  • Liebelei (toneelstuk, 1895)
  • Reigen. Zehn Dialoge (komedie, 1896/97)
  • Paracelsus (toneelstuk, 1898)
  • Der grüne Kakadu (groteske, 1898)
  • Die Gefährtin (drama, 1898)
  • Freiwild: Schauspiel in 3 Akten (1898)
  • Der Schleier der Beatrice (drama, 1899)
  • Die Frau mit dem Dolche (drama, 1900)
  • Lebendige Stunden (drama, 1901)
  • Die letzten Masken (drama, 1901)
  • Literatur (Drama, 1901)
  • Der einsame Weg (toneelstuk, 1904)
  • Der Ruf des Lebens (drama, 1906)
  • Komtesse Mizzi oder Der Familientag (toneelstuk, 1909)
  • Der junge Medardus (toneelstuk, 1910)
  • Das weite Land (tragikomedie, 1911)
  • Professor Bernhardi (toneelstuk, 1912)
  • Fink und Fliederbusch (komedie 1916)
  • Komödie der Verführung (toneelstuk, 1924)

Autobiografie

  • Jugend in Wien (uitgegeven in 1968)

Dagboeken

  • Tagebuch 1879-1931 (uitgegeven: 1981-2000)
  • Briefe 1875-1912 (uitgegeven: 1981)
  • Briefe 1913-1931 (uitgeven: 1984)

Bronnen