De TheaterEncyclopedie is vernieuwd!

Uit TheaterEncyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Unknown.png

NaamNieuwe Komedie
Vroegere naamStichting Nieuw Jeugdtoneel, Toneelgroep Arena
Opgericht1961
Opgeheven1985
DisciplineToneel

Informatie

De Nieuwe Komedie komt voort uit Toneelgroep Arena, een gezelschap dat toneel voor de jeugd bracht, en dat zelf voortkwam uit het gezelschap Het Nieuwe Jeugdtoneel. Het Nieuwe Jeugdtoneel werd in 1955 in Den Haag door Hugo de Jong en Cruys Voorbergh opgericht. Hugo de Jong was zakelijk leider geweest van de jeugdtheatergroep 'De Witte Vogel' (1945-1956), en Cruys Voorbergh had als acteur en regisseur al bij verscheidene grote toneelgezelschappen gewerkt. Hugo de Jong nam de zakelijke leiding van het nieuwe gezelschap op zich, en Cruys Voorbergh de artistieke leiding. Vanaf seizoen 1956/57 nam Erik Vos de artistieke leiding over; de groep speelde vanaf dat seizoen verder onder de naam Toneelgroep Arena, hoewel de naam in de statuten niet gewijzigd werd. Het Rijk kende het gezelschap een subsidie toe voor het seizoen 1956/57, waardoor Toneelgroep Arena het enige door de overheid gesubsidieerde jeugdtoneelgezelschap van die tijd werd.

Vanaf 1961 werd er op initiatief van Erik Vos ook voor oudere toeschouwers gespeeld, waartoe de naam Nieuwe Komedie werd gebruikt. Een aantal seizoenen werd er dus onder de naam Toneelgroep Arena voor de jeugd, en onder de naam De Nieuwe Komedie voor het oudere publiek gespeeld. De Nieuwe Komedie speelde hoofdzakelijk klassiek repertoire: Molière, Shakespeare en Vondel. Een groot succes was de produktie De Perzen van Aeschylos in Carré in Amsterdam in seizoen 1962/63, met kostuums van Wim Vesseur en regie door Erik Vos. Vanaf seizoen 1965/66 nam Berend Boudewijn de artistieke leiding over. Hij bracht het moderne repertoire: stukken van Kafka, Beckett, Claus. Een conflict met regisseur Bert Dijkstra over de kwaliteit van een première leidde tot ontslag van Dijkstra en uiteindelijk tot het vertrek van Berend Boudewijn in 1968. Erik Plooyer, later bijgestaan door Cor Stedelinck, zette het beleid van Berend Boudewijn voort. Het seizoen 1968/69 kreeg de Nieuwe Komedie de Albert van Dalsumprijs toegekend, met name voor het succesvolle programma rond Paul van Ostayen 'Dag stoel naast de tafel' en voor het uitvoeren van stukken van Nederlandse toneelschrijvers als Leo Vroman en Gerben Hellinga.

De nadruk kwam in de loop der jaren steeds meer op de Nieuwe Komedie te liggen, ten koste van Toneelgroep Arena. Met ingang van 1 september 1970 hield de groep op met jeugdvoor-stellingen, en bleef de stichting Het Nieuwe Jeugdtoneel alleen nog onder de naam De Nieuwe Komedie haar werkzaamheden voortzetten. Vaste speelplaats bleef Den Haag, waar het Haags Ontmoetingscentrum voor Toneel (H.O.T. theater) door de Haagse Comedie en de Nieuwe Komedie samen bespeeld werd.

Hoewel er geen aparte jeugdvoorstellingen meer werden gegeven, bleef de Nieuwe Komedie veel aandacht besteden aan het maken van toneelpakketten voor middelbare scholieren, waarbij het gezelschap begeleide voorstellingen in de scholen zelf gaf, of waarvoor de scholieren naar het H.O.T. theater kwamen. Dit 'vormingstoneel' werd steeds belangrijker, en de Nieuwe Komedie ontwikkelde zich allengs tot een geëngageerd toneelgezel¬schap dat 'politiek theater' bracht. Dat ging echter met de nodige interne conflicten gepaard, waarbij vele medewerkers gedwongen of vrijwillig het gezelschap verlieten: Erik Plooyer, zakelijk leider Aad Greidanus, dramaturg Nic Brink, regisseur Cor Stedelinck. Met hun vertrek had het gezelschap gekozen voor een koers waarbij de vormingskant belangrij¬ker werd geacht dan de artistieke lading van een voorstelling. Onder artistieke leiding van Leo Beyers, zakelijke leiding van Wim Odé en met Ben Bos als dramaturg werd geprobeerd aan het nieuwe beleid gestalte te geven. Men wilde zich richten op 'de jonge mens die de vicieuze cirkel van de volwassen maatschappij kan doorbreken' en 'de kapitalistische samenleving tot gesprek maken'. Leo Beyers wordt al gauw vervangen door Eric Oosthoek. In de seizoenen 1974/75 en 1975/76 werd hard aan het nieuwe beleid gewerkt. Voor een bloemetje en een zoen was een emancipatieprogramma in samenwerking met Man Vrouw Maatschappij, Heleen van Meurs regisseerde stukken van Brecht. Inhoudelijke discussies en conflicten, gepaard gaande met democratiserings-problemen, leidde tot veel ongenoegen onder het personeel en tot het opstappen van het driemanschap Oosthoek, Odé en Bos. Onder de nieuwe leiding van Bart Scheepens als artistiek coördinator en Albert van de Baan als zakelijk coördinator, en met Heleen van Meurs als vaste regisseur werd voortgegaan. De plenaire vergadering, waarbij het gehele personeel aanwezig was kreeg beslissingsbevoegdheid. Voor werkende jongeren en scholieren werden produkties gemaakt die inhaakten op hun maatschappelijke problemen: Dat had je gedroomd, Kostwinner, Wat is dat pa?, Dat ziet er gezond uit (over de W.A.O.), Gansch het raderwerk (over geschiedenis van de arbeidersbeweging).

Vaste speelplaats van de Nieuwe Komedie werd in seizoen 1978/79 het Theater aan de Haven in Den Haag. Daarbij werd tevens de exploitatie van dit theater aan de Nieuwe Komedie overgedragen. Ondanks de inzet en goede voornemens wilde de Nieuwe Komedie maar geen eigen gezicht krijgen, dat haar onderscheidde van andere gezelschappen die politiek theater brachten, zoals Toneelgroep Proloog. In 1981 verscheen de nota 'Op het spel zetten' waarin het gezelschap probeerde om een nieuw koers te bepalen. Het kwam er op neer dat afstand genomen werd van het politiek vormingstheater, en dat men weer de weg op wilde van een 'gewoon' repertoire gezelschap. Het lukte de Nieuwe Komedie echter niet om zich in de jaren daarop tot een kwalitatief goed gezelschap te ontwikkelen. In 1984 werd besloten de subsidiëring van het gezelschap stop te zetten. Na het seizoen 1984/85 werd de Nieuwe Komedie opgeheven.

Voorstellingen

Een alfabetisch overzicht van de voorstellingen die onder deze naam in première zijn gebracht en voor zover geregistreerd in de Productiedatabase

Bronnen

  • Tuja van den Berg, Inventaris van het archief van de Nieuwe Komedie 1955-1985, Theater Instituut Nederland, 1995.
  • Productiedatabase