Door toenemende aanvallen van bots op de website is het mogelijk dat pagina’s langzamer of niet goed laden. Er wordt gewerkt aan een oplossing.

Voor vragen zijn we bereikbaar via Discord.
Uit TheaterEncyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken


De kleine parade affiche.jpg

TitelDe kleine parade
ProducentWim Sonneveld Productie
Disciplineamusementsvorm
Onderwerpmusical, Nederland
Premièredatum16 oktober 1969
Seizoen1969/1970
LocatieSchouwburg Orpheus, Apeldoorn
Productierecord (Axiell)Catalogus Theatercollectie
PermalinkPermanente link naar deze pagina. Gebruik ctrl-click om de link te kopiëren.<br> Het complete adres is: <br> <code>theaterencyclopedie.nl/id/01944072-c45d-71ff-827b-7084c4bbfa4a</code> - xmlSemantische informatie in XML. - jsonSemantische informatie in JSON. - rdfGestructureerde informatie in RDF/XML-formaat
Afbeelding(en) uploaden namens en met toestemming van de auteur

De Kleine Parade is een musical van Wim Sonneveld Productie. Het ging in première op 16 oktober 1969 in Schouwburg Orpheus te Apeldoorn.
De musical is gebaseerd op het boek van Henriëtte van Eyk. Het verhaal geeft op parodistische wijze de tegenstelling weer tussen hogere en lagere klassen. Wim Sonneveld schreef het script, de muziek en deed ook de regie. Friso Wiegersma schreef de liedteksten en was verantwoordelijk voor de kostuums en het decor. De choreografie werd gemaakt door Lionel Blair.
De rollen werden onder andere gespeeld door Margriet de Groot als Therese Wentinck, Cor van den Brink als Jonker Jan van Ratburgh en Leen Jongewaard als Hein, de zilverman.

Verhaal

In de musical wordt het standsverschil uit de jaren dertig duidelijk zichtbaar gemaakt door de tegenstelling tussen de rijke, adellijke familie Wentinck en de lagere klasse, zoals hun personeel en de volksjongen Tom Ankerblom. Terwijl de familie Wentinck geleidelijk haar status en invloed verliest, weet Ankerblom zich juist op te werken. Doordat hij is gekwetst door Thérèse Wentinck, ontwikkelt hij zich tot een vastberaden persoon en groeit hij uit tot een succesvolle zakenman. Om hen een lesje te leren. [1]

Context

Cabaretier Wim Sonneveld leefde in de jaren zestig met de droom om zelf een musical te produceren. Samen met schrijver en ontwerper Friso Wiegersma, die enorm gefascineerd was door de jaren '30, maakte hij zijn droom waar.

Ze besloten samen een musical te maken die gebaseerd was op de boeken De Kleine Parade en Intieme Revue van Henriëtte van Eyk. Wiegersma nam de liedteksten voor zijn rekening en Sonneveld ging samen met van Eyk aan de slag met de verhaallijn en dialogen. Zo maakten ze van de korte humoristische verhalen uit de boeken een doorlopend verhaal waarin de klassenstrijd uit de jaren dertig centraal stond.[2]

Sonneveld klopte in april 1969, zes maanden voor de première, aan bij het Ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk om minister Klompé om subsidies te vragen. Dit werd geweigerd. De reden hiervoor is onbekend, maar in die tijd was het zeer ongebruikelijk om subsidies te verkrijgen voor ‘commercieele musicals’ terwijl theaterstukken wel gesubsidieerd werden.[3]

Om garantie te geven aan de theaterdirecteurs deed Sonneveld de belofte dat, als de voorstelling zou floppen, hij zelf op het podium zou gaan staan en dat de mensen dan zeker zouden komen. Sonneveld was heel gepassioneerd over dit project. Hij ging zelfs voor de generale repetitie in Hoogeveen de straat op om de mensen persoonlijk uit te nodigen om te komen kijken. Hiervan was het publiek enorm gecharmeerd en gingen ze zelfs in de pauze rond met een pet om geld in te zamelen om bloemen en wijn voor de acteurs te kopen.[4]

In totaal kostte de musical 875.000 gulden en heeft deze na de première nog 400 voorstellingen gespeeld door heel Nederland.
In tegenstelling tot de recensenten die de musical vaak slecht beoordeelden in de kranten, waren de bezoekers wel enthousiast.[5]

Betrokkenen

De onderstaande personen hebben een (in)directe bijdrage geleverd aan de realisatie van de theaterproductie (in voorkomende gevallen op basis van- of uitgaande van een bestaand werk). Aanvullingen zijn welkom.

Auteurs en makers

NB: Op dit moment worden specificaties (bijv. 'assistent', 'dialogen', 'ontwerp') nog niet meegenomen vanuit de premièredatabase. Deze informatie is op te vragen via de Theatercollectie.

Aan de realisatie van deze productie hebben meegewerkt:




Rolverdeling en uitvoerenden

NB: De rolbenamingen zijn veelal direct overgenomen zoals in het originele programmaboekje vermeld, en kunnen zodoende verouderde termen bevatten. Zie ook deze pagina.

Margriet de Groot - Thérese Wentinck
Leen Jongewaard - Tom Ankerblom
Cor van den Brink - Jonker Jan van Ratburgh
John Koch - Jacques Gans
Georgette Rejewsky - Mevrouw Wentinck
Els Ingeborg Smits - Betty van Warnincksfelt
Karin Larsen - Mona Mans
Matthé Verdaasdonk - Guus Knakkerman
Martin Brozius - Robbie
Marjan Berk - Mademoiselle Monique
Joost Prinsen - Jollema
Jetske Zijlstra - Mies Hoefnagels
Corrie van Gorp - Marie
Elisabeth Swagerman - Henriëtte van Eyck
Barrie Stevens - Bakkersknecht
Elly Weller - Gravin Knal van Hoevelaecke
Beer Bossu - Van Dalen


      Album

      De muziek van de voorstelling is in 1970 door Philips op LP uitgebracht als De Kleine Parade. Later werd dit album voor het Fonos-archief gedigitaliseerd naar CD.

      Op de CD Repetitiebanden Een Avond Met Wim Sonneveld & De Kleine Parade + Vier Ontdekte Lakplaten Uit De Jaren Dertig En Veertig (onderdeel van de CD-box Wim Sonneveld op de Plaat door Universal Music, 2015) staan door Sonneveld ingezongen demo's van verschillende liedjes uit de voorstelling.

      Ontvangst

      De voorstelling werd door het publiek warm ontvangen, maar de recensenten waren over het algemeen minder positief.

      Meerdere critici vonden de musical onder meer te traag, mede doordat de spelers zelf verantwoordelijk waren voor het wisselen van het decor. Dit duurde erg lang.[6] Daarnaast werden de grappen door Jan Spierwijk van De Telegraaf als cliché bestempeld; volgens hem waren deze al van ver te voorspellen.[7] Ook op het gebied van regie en muziek klonk kritiek. Zo schreef een recensent van de Trouw: “Wim Sonneveld heeft de regie gevoerd. Misschien, dat hij dat beter aan een ander had kunnen overlaten. Hij heeft ook de liedjes gemaakt, althans de composities. Er zaten wel een paar leuke, zelfs één goede bij, maar dat is toch ook niet veel. Die goede kwam overigens pas na de pauze. Voor de pauze was het armoe troef, waar het de humor aangaat.”[8]

      Toch waren er ook positieve geluiden vanuit de pers. Met name de prestatie van Leen Jongewaard werd door velen geprezen. Hij vervulde een dubbelrol, wat door recensenten als verdienstelijk werd beschouwd.[9]

      Ondanks dat Nederland destijds volgens Spierdijk nog ver verwijderd was van een volwaardige musicalcultuur, omdat het land mogelijk nog niet beschikte over de juiste artiesten om dit genre volledig tot bloei te laten komen, werd de voorstelling zo'n vierhonderd keer gespeeld.[10] Dit wijst op een blijvende populariteit bij het publiek.

      Bronnen

      Bronnenlijst

      • A.D.G. (1970, 16 november). (geen titel.) Het Vaderland, p.5.
      • Ewijk, P. van (1993). Met zang en dans: de geschiedenis van de musicals in Nederland, p.84.
      • Hoboken, van. (1969, 18 oktober). ‘Kleine parade’ mist parodie. Trouw, p.2.
      • Leeuwarder Courant. (1969, 25 april). Veel begrip, maar geen subsidie voor Sonnevelds musical “De kleine parade”, p.11.
      • Productiedatabase
      • Scholten, H. (2004). Musicals in Nederland. Uitgeverij Terra, p.100.
      • Spierdijk, J. (1969, 17 oktober). (geen titel.) De Telegraaf, p.6.
      • TheaterEncyclopedie. (z.d.). 1969. Geraadpleegd op 2 april 2026.
      • Thierens, S. (2019, 30 augustus). "Subsidie voor musical: kwestie van lange adem". Theaterkrant. Geraadpleegd op 2 april 2026.
      • WT., J. (1969, 17 oktober). Meer parade dan musical. De Waarheid, p.7.

      Referenties in de tekst

      1. Scholten, H. (2004), p.99.
      2. Scholten, 2004.
      3. TheaterEncyclopedie, z.d.
        Thierens, 2019.
        Leeuwarder Courant, 1969.
      4. Scholten, 2004.
      5. Van Ewijk, 1993.
      6. J. WT., 1969.
      7. Spierdijk, 1969.
      8. Van Hoboken, 1969, 18 oktober, Trouw, p.2.
      9. A.D.G., 1970.
      10. Spierdijk, 1969.