Canon:1987

Uit TheaterEncyclopedie
(Doorverwezen vanaf 1987)
Ga naar: navigatie, zoeken

Canonlogo.jpgGerardjan Rijnders baart opzien met 'zaptoneel': Bakeliet

Als artistiek leider van het net opgerichte gezelschap Toneelgroep Amsterdam, presenteert Gerardjan Rijnders zich opnieuw als radicaal vernieuwer.

Gerardjan Rijnders, ca. 1991. Foto: Anna Beeke. Collectie TIN

Bakeliet

Het toneel van de Amsterdamse Stadsschouwburg biedt op 13 oktober 1987 een bijzondere aanblik: dertien actrices van de net gefuseerde toneelgezelschappen Toneelgroep Centrum en het Publiekstheater in een huis met allemaal open kamertjes, drie verdiepingen hoog, en in de kelder van dat huis slagwerker Paul Koek. Ze maken deel uit van de voorstelling Bakeliet van het nieuwe gezelschap Toneelgroep Amsterdam, dat vanaf dat moment de Amsterdamse Stadsschouwburg zal bespelen.

V.l.n.r.: Jan Ritsema, Cas Enklaar, ?, Laurens Spoor, Ingrid Deddes, Kitty Courbois, Janine Brogt. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN V.l.n.r.: Jacques Commandeur, Lidwien Roothaan, Hugo Koolschijn, Ritsaert ten Cate, Henriëtte Tol, Gerardjan Rijnders. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN V.l.n.r.: ?, Petra Laseur, Anthon Beeke, Gerardjan Rijnders, Boudewijn Tarenskeen, Lodewijk de Boer. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN V.l.n.r.: Ingeborg Elzevier, ?, Marjon Brandsma, Kitty Courbois, Jan Ritsema. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN

Vier affiches met medewerkers en acteurs van Toneelgroep Amsterdam, 1987. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN

Een spraakmakende auteur/regisseur

Auteur en regisseur van Bakeliet was Gerardjan Rijnders, de artistiek leider van het nieuwe gezelschap. Tot op dat moment stond Rijnders vooral bekend als een regisseur die klassieke teksten op een spraakmakende manier bewerkte en actualiseerde. Bij Zuidelijk Toneel Globe, waar hij van 1980 tot 1987 artistiek leider was, plaatste hij Drie zusters van Tsjechov bijvoorbeeld in een oerburgerlijke, Nederlandse setting, waarbij de traditionele samowar door een bruiloftsuitzet van Brabantia vervangen was. Erger nog – in de ogen van het schouwburgpubliek – was dat Rijnders hardhandig brak met de sfeer van melancholie en weemoed die sinds Sjarov synoniem geworden was met Tsjechov.

Nog meer weerstand had in 1981 Rijnders’ cynische actualisering van William Shakespeares Troilus en Cressida opgeroepen. De manier waarop hij in deze voorstelling de thema’s oorlog en seks met elkaar verbonden had, en expliciet zichtbaar maakte, waren voor sommige schouwburgdirecteuren reden de voorstelling af te blazen.

Drie zusters van Zuidelijk Toneel Globe, 1972-1973. V.l.n.r.: Sacha Bulthuis, Ann Hasekamp, Annet Nieuwenhuijzen. Foto: Frits Lemaire/MAI. Collectie TIN Troilus en Cressida van Globe Zuidelijk Toneel Globe, 1981.Theu Boermans, Guusje van Tilborgh. Foto: Patrick Meis. Collectie TIN Troilus en Cressida van Zuidelijk Toneel Globe, 1981. Michiel van Rooij, Huib Rooijmans. Foto: Patrick Meis. Collectie TIN

Een collage van situaties

Bakeliet was geen gewone toneeltekst, en al helemaal geen klassieker. Gerardjan Rijnders had zich bij het maken laten inspireren door het boek Savage Grace. Dat boek gaat over de familie Baekeland, een familie die rijk geworden is door de productie van bakeliet, de voorloper van plastic. Het is geen gelukkige geschiedenis: schizofrene zoon Tony vermoordt zijn moeder Grace, bijna ook zijn grootmoeder, en brengt ten slotte zichzelf om door een plastic zak over zijn hoofd te trekken.

In plaats van een toneelstuk met een begin, een midden en een eind, maakte Rijnders er een collage van situaties van, die zich verspreid over drie verdiepingen afspeelden. De moeder werd daarbij steeds door een andere actrice gespeeld, en soms speelden de dertien actrices haar allemaal tegelijk. Paul Koek speelde de zoon; hij uitte zich voornamelijk door middel van zijn drumstel.

Affiche Bakeliet van Toneelgroep Amsterdam, 1987. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN Bakeliet van Toneelgroep Amsterdam, 1987. V.l.n.r. Sigrid Koetse, Louise Vine en Celia Nufaar. Foto: Kees de Graaff. Collectie TIN

Actieve rol van de toeschouwer

Bakeliet betekende een totaal nieuwe vorm van theater, waarbij de toeschouwer een actieve rol kreeg toebedeeld. Montagetheater was de term die er al gauw voor werd gereserveerd. Al ‘zappend’ van de ene verdieping naar de andere, en van de ene actrice naar de andere, moest het publiek zelf op zoek gaan naar verbanden tussen handelingen, woorden en beelden. En omdat iedere toeschouwer zijn eigen verbanden legde, volgens zijn eigen logica, maakte iedereen ook zijn eigen voorstelling. Volgens hetzelfde procedé maakte Gerardjan Rijnders een seizoen later Titus, geen Shakespeare (1988).

In deze voorstelling werden fragmenten uit het bloederige Titus Andronicus, een vroeg stuk van William Shakespeare, versneden met het levensverhaal van Alan Berg, een Amerikaanse radiopresentator die in zijn uitzendingen luisteraars aan het woord liet over thema’s als geweld en antisemitisme en die in 1984 door een neo-nazi werd vermoord. In de voorstelling zat de talkshow host midden vooraan op het toneel, met achter hem de verschillende bellers. Geweldsscènes uit Titus Andronicus braken steeds op deze gesprekken in. Ook hier moest de toeschouwer zelf inhoudelijke verbanden leggen, en kreeg hij dus een actieve rol toebedeeld.

Affiche Titus, geen Shakespeare van Toneelgroep Amsterdam, 1988. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN Titus, geen Shakespeare van Toneelgroep Amsterdam, 1988. Met onder anderen: Annet Nieuwenhuijzen, Celia Nufaar, Cas Enklaar, Kitty Courbois. Foto: Kees de Graaff. Collectie TIN

Onbewerkte klassiekers

Bakeliet en Titus, geen Shakespeare zijn maar twee voorbeelden uit een lange rij spraakmakende voorstellingen die Gerardjan Rijnders het publiek in de Amsterdamse Stadschouwburg en in de Westergasfabriek voorzette. Het waren niet allemaal montagevoorstellingen. William Shakespeare’s Hamlet (Publiekstheater, 1986) bracht hij onbewerkt, in prachtige, klassiek ogende kostuums van Rien Bekkers. Hetzelfde gold voor Andromache van Jean Racine en Zinsbegoocheling van Pierre Corneille. In deze voorstellingen probeerden de acteurs de taal zoveel mogelijk voor zichzelf te laten spreken. Ze stelden zich op als prachtig uitgedoste doorgeefluiken, waarbij ze wel de ruimte namen om via die taal en via hun lichaamshouding een maximum aan emoties over te dragen.

De schrijver Rijnders

Naast zijn regiewerk heeft Gerardjan Rijnders gedurende zijn hele carrière ook zelf stukken geschreven. Een belangrijk plaats nemen zijn komedies voor de kleine zaal in. In stukken als De hoeksteen en Tulpen Vulpen thematiseert hij, vaak binnen de context van het gezin, de onmogelijkheid om elkaar via woorden te bereiken. Een van Rijnders bekendste en meest gespeelde toneelstukken is Liefhebber: een lange scheldkanonnade van een toneelcriticus die zich erover beklaagt dat er op de hedendaagse Nederlandse podia geen drama meer te zien is. Intussen is hij blind en doof voor wat er in zijn eigen gezin aan verschrikkelijks gebeurt.

Affiche Liefhebber van Toneelgroep Amsterdam, 1992. Ontwerp: Anthon Beeke. Collectie TIN Liefhebber van Toneelgroep Amsterdam, 1992. V.l.n.r. Titus Muizelaar, Fred Goessens en Lineke Rijxman. Foto: Ben van Duin. Collectie TIN Tulpen Vulpen van Toneelgroep Amsterdam, 1988-1989. Titus Muizelaar, Lineke Rijxman. Foto: Ben van Duin. Collectie TIN

In 2001 legde Rijnders het artistiek leiderschap neer, na zeven jaar Zuidelijk Toneel Globe en veertien jaar Toneelgroep Amsterdam. Sindsdien werkt hij als freelance theatermaker, auteur en vertaler (en heel soms als acteur). Zijn invloed op het Nederlands theater is nauwelijks te overschatten. Dat geldt zowel voor zijn radicale aanpak van klassiek repertoire, als voor het principe van het montagetheater.


Dit is één van de canonteksten. Voor meer informatie zie: Canon van het Theater in Nederland

Schrijf mee!

Wilt u deze pagina bewerken, corrigeren of aanvullen?

Iedereen kan eenvoudig meeschrijven aan de theatergeschiedenis op de Theaterencyclopedie. Hiervoor moet u ingelogd zijn op uw eigen account. Door eenmalig te registreren maakt u een eigen account aan. Helpt u mee de Theaterencyclopedie compleet te maken?

Fondsen en Partners